u bent hier: De club - methode

Hoe kunnen blinden en slechtzienden boogschieten

Blinden

Vooreerst wordt de correcte houding aangeleerd. De schutter staat meestal met de linkerschouder naar de schietschijf gericht. Voorts wordt nadruk gelegd op het ontspannen staan, bekken lichtjes gekanteld, benen gespreid op schouderbreedte, voeten stevig verankerd in de grond, schouders ontspannen en laag. Eens de schutter die houding beheerst en de basistechniek van het boogschieten onder de knie heeft kan hij/zij gebruik maken van een soort statief. Aan de bovenkant hiervan is een horizontaal staafje aangebracht. De punt hiervan (raakpunt) wordt zacht tussen de bovenste 2 kneukels van de booghand gedrukt.

Zo kent de blinde schutter de richting en de hoogte. Daarnaast is ook een voetensteun voorzien die helpt richting en houding bepalen. Tenslotte krijgt hij/zij informatie via zijn/haar schotwaarnemer, die aangeeft waar de pijlen precies terechtkomen (bv. een 7, op 6 uur).

Waar blinden aanvankelijk begeleid worden tijdens het schieten via commando's als hoger, lager, links, rechts ... is het de bedoeling dat ze na verloop van tijd volledig zelfstandig kunnen schieten. Dat gaat als volgt: eerst schiet de blinde zich in via begeleiding van een schotwaarnemer. Zodra de schutter merkt dat hij de juiste richting en hoogte gevonden heeft, wordt geschoten zonder de minste actieve begeleiding.

Wel blijft de schotwaarnemer achter de schutter staan en geeft aan waar elk schot terechtkomt. Bv. een 6 op 10 uur. Zo kan de schutter zijn volgende schot eventueel aanpassen. Bovendien kan de schootwaarnemer indien de veiligheid in het gedrang zou komen ingrijpen.

Slechtzienden

Naast de correcte houding, zoals bij de blinden, hebben slechtzienden geen statief nodig als richtmiddel. In hun geval kan een gewone boog met normale richtmiddelen (vizier) volstaan. Sommigen hebben behoefte aan een grotere mikkorrel. Waar die normaal slechts een paar millimeter groot is, kan via het afplakken van het mikrondje, die korrel enorm vergroot worden. Zo kan de slechtziende schutter de korrel wel zien en wel behoorlijk zijn boog op de roos richten. Soms kan de kleur van de korrel (wit, zwart, rood) een belangrijk verschil uitmaken. Ook een slechtziende heeft normaal een schotwaarnemer, die ook de scores weergeeft.

Schietstand

Daar veiligheid een hoofdmotief is in het boogschieten werd na overleg tussen de verantwoordelijken besloten een dubbele tunnel (zie tekening 1) te bouwen op de zolder van Sint-Rafaƫl. Bij de opbouw werd eerst een geƫgaliseerde bodem aangebracht. De oorspronkelijke vloer verloopt vrij hobbelig en vertoont gaten. Voor een visueel gehandicapte is het essentieel een effen bodem onder de voeten te hebben, zodat hij niet struikelt. Hierop werden dan in de lengte 3 wanden gemonteerd. Hoofddoel ervan is ervoor te zorgen dat bij slechtgerichte pijlen geen schade toegebracht wordt aan medecursisten. Belangrijk is ook dat die recht geplaatste panelen een steun vormen voor de blinden bij inspectie van het doel. Zo die